Naar inhoud

Middelgroot bedrijf wil ‘ondernemer in loondienst’

Gezocht: pragmatische baas

De eisen die aan bestuurders worden gesteld, veranderen. Grote bedrijven hebben geen behoefte meer aan Hollandse captains of industry met een uitgebreid netwerk, aan een topman/dictator of aan een filosofisch ingestelde chief executive officer die graag mag filosoferen over de verre toekomst. In trek zijn wel de ‘klussenklaarders’: managers, vaak van buiten het bedrijf, die topman worden om een bedrijf door een bepaalde fase te loodsen: die crises moeten bezweren of een bedrijf na een crisis weer uit de drek moeten trekken, zoals Anders Moberg bij Ahold.
Maar hoe liggen behoeftes bij kleinere bedrijven? Stellen zij dezelfde eisen aan hun toppers als de Shells, Akzo’s en Aholden?Gedeeltelijk wel, zegt Reinout Janssens, partner bij Van der Velde Groep, dat in 1992 werd opgericht als werving- en selectiebureau voor accountmanagers en verkopers, maar sinds 2000 ook bemiddelt voor bedrijven die een directeur of een commissaris zoeken. Janssens zoekt voor bedrijven die 20 tot 2.000 arbeidsplaatsen tellen – vaak zijn dat familiebedrijven – en zegt jaarlijks ongeveer 40 tot 50 directeuren en commissarissen te ‘plaatsen’.
Gevraagd naar een algemene typering, zegt Janssens dat de middelgrote bedrijven waarvoor hij bestuurders zoekt vooral vragen om ‘ondernemers in loondienst’. Dat laatste slaat op hun status, want in loondienst zijn ze. Het eerste slaat op het feit dat ze commercieel ingesteld moeten zijn, een visie moeten hebben op de toekomst – lees: de komende drie tot vijf jaar – en competent moeten zijn. Ondernemende pragmatici met de nodige authenticiteit en met empathisch vermogen, dat type directeur is in trek. Dat soort mensen is nogal eens te vinden in het midden- of hogere management van grote bedrijven. Zij hebben hun grenzen binnen dat bedrijf bereikt en/of vinden dat zo’n grote onderneming te bureaucratisch is en te weinig ruimte biedt aan echte ondernemersgeest.
De meer concrete vertaling van die typeringen luidt dat ook bij middelgrote bedrijven de tijd van de regionale variant van de captain of industry en de dictator/bullebak voorbij zijn. “Als bedrijven moeten kiezen tussen een competente persoon of een persoon die minder deskundig is maar wel over goede relaties in de regio beschikt, dan kiezen ze de eerste”, zegt Janssens. Ook aan autoritaire alleenheersers is geen behoefte. “De moderne werknemer in Nederland pikt geen autocraat meer. Bovendien is de kans groot dat de autocraat zijn ondergeschikten ‘dooddrukt’."
Wat moet de directeur dan wel zijn? Janssens: “Assertief. Hij moet duidelijk durven zijn en assertief en snel kunnen uitleggen dat iets moet en waarom.” Ook bij kleinere bedrijven moet een baas kunnen coachen. Veel kennis van de branche, een indrukwekkend cv of een bak ervaring worden wat minder belangrijk. De persoonlijke indruk die een directeur wekt, zijn enthousiasme, het vermogen om te leiden en te luisteren: dat weegt zwaarder.
Van belang is daarnaast dat een kandidaat voor een directie of een commissariaat zich sterk betrokken voelt bij het bedrijf. Hij of zij moet zelf graag willen. “Op corporate niveau willen mensen vaak gevraagd worden”, zegt Janssens. “Ze hebben geen zin om te solliciteren. Ik houd hen voor dat ze dat wel moeten doen. Ze moeten, als er een vacature is, zelf initiatief nemen.”
Zeker bij familiebedrijven is betrokkenheid belangrijk. Als de familie zelf terugtreedt en een directeur van buiten zoekt, zal de nieuwe man rekening moeten houden met de historie en de cultuur van het bedrijf. Hij moet bovendien beseffen dat hij hoogstwaarschijnlijk lang – minstens vijf jaar – op zijn post zal blijven zitten. Familiebedrijven zijn vaak op de lange termijn gericht. Zij zoeken dan ook geen directeur/klussenklaarder die op relatief korte termijn orde op zaken stelt, zoals veel grote beursfondsen nu doen, maar een echte vervanger voor de man die namens de familie het bedrijf heeft geleid.
Al te buitenissige eisen van de kandidaten worden bij middelgrote bedrijven niet op prijs gesteld, zegt Janssens. “Er was eens iemand die een Porsche 911 eiste als bedrijfswagen. Met zo’n wens kan je beter niet aankomen.”

Bron: FEM Business, 5 januari 2008

Bekijk het oorspronkelijke artikel

Geschreven door:
© Copyright 2017 Velde Webdesign & CMS: a&m impact Meerendonkweg 31 5216 TZ ’s-Hertogenbosch